Mindervalide

prullenbak-sticker
Gehandicapten
: beter mensen met een handicap (of beperking). De handicap of beperking is slechts één aspect van hun identiteit. Vereng hen daar niet toe.

Invaliden: enkel nog voor de technische term ‘invaliditeit’ en de uitkeringen van de Sociale Zekerheid die daarbij horen. Beter: personen met een beperking of een handicap

Mindervaliden: verouderd, deze persoon is niet minder waard.

Andersvaliden: verouderd, ‘valide’ lijkt te verwijzen naar de waarde van iemand.

Dwerg: hoort alleen in sprookjes en fantasy, want al sinds de jaren negentig vragen ‘mensen met een kleine gestalte’ of ‘kleine mensen’ om deze term niet meer te gebruiken.

Gekluisterd aan zijn/haar rolstoel: ‘kluisteren’ klinkt negatief, terwijl een rolstoel juist de vrijheid voor iemand kan betekenen, omdat die zich zo tenminste kan verplaatsen.

Rolstoelpatiënt: een rolstoeler of rolstoelgebruiker is niet noodzakelijk ziek en dus niet noodzakelijk een patiënt.

Doventaal: er is niet zoiets als ‘doventaal’. Dove mensen kunnen op verschillende manieren communiceren. Bedoel je gebarentaal, meer bepaalde VGT, de Vlaamse gebarentaal, noem dat dan ook zo. Die verschilt wel wezenlijk van Nederlands met gebaren (NmG).

Doventolk: beter gebarentolk of, preciezer, VGT-tolk. Tenzij je ook een schrijftolk bedoelt en slechts plaats hebt voor één term om beide types van tolken aan te duiden.

Doofstom, stom: doof. Iemand met een spraakstoornis.

Gehoorgestoorden: het is niet omdat mensen een stoornis hebben, dat ze ook gestoord zijn. We spreken van ‘slechthorenden’.

Mongool: beledigend en een scheldwoord. We spreken van ‘iemand met down’.